maandag 2 november 2009

Prix Goncourt voor favoriete Marie NDiaye, Renaudot voor Frédéric Beigbeder

De Prix Goncourt gaat dit jaar naar Marie NDiaye voor haar veelgeprezen roman Trois femmes puissantes, zo heeft de Académie Goncourt onder voorzitterschap van Edmonde Charles-Roux zojuist bekendgemaakt. De onderscheiding heeft slechts een waarde van 10 euro, maar garandeert huizenhoge verkoopcijfers en is Frankrijks meest prestigieuze literatuurprijs. Ndiaye gold als uitgesproken favoriete en bevestigt met haar Goncourt alweer de hegemonie van topuitgeverij Gallimard bij het prijzengebeuren. Het is al de 36ste maal dat Gallimard een Goncourtwinnaar aflevert. NDiaye verkaste nog niet zo lang geleden van uitgeverij Minuit naar Gallimard. Met Rosie Carpe behaalde ze in 2001 al de Prix Fémina. Haar werk wordt in het Nederlands uitgegeven bij De Geus. Trois femmes puissantes verenigt de verhalen van drie Senegalese vrouwen.
Op de laatste selectielijst stonden verder nog Laurent Mauvignier: Des hommes (Minuit), Jean-Philippe Toussaint: La vérité sur Marie (Minuit) en Delphine de Vigan: Les heures souterraines (JC Lattès). Marie NDiaye scoorde met Trois femmes puissantes een van de grote successen van het Franse najaar, en viel zowel in de gunst van publiek als kritiek. Het boek haalde een oplage van 140.000 exemplaren. Ze kreeg tijdens de eerste Goncourtstemronde meteen vijf stemmen, tegen twee voor Jean-Philippe Toussaint en één stem voor Delphine de Vigan.
De Prix Goncourtwinnaar werd bekendgemaakt na het traditionele diner van de tienkoppige jury (met onder meer Jorge Semprun, Michel Tournier en Bernard Pivot) bij Drouant te Parijs, om 12u45 om de nieuwsbulletins ter wille te zijn en niet meer om 13 uur zoals de traditie het wilde.
Ook geheel in de lijn van de geopperde pronostieken kreeg Frédéric Beigbeder (foto) de troostprijs voor de Goncourt, de Prix Renaudot voor Un roman français (Grasset). In dat boek verhaalt Beigbeder onder meer hoe hij in januari 2008 gesnapt wordt door de politie terwijl hij cocaïne snuift boven het koetswerk van een auto. Toch bevat de al bij al gevoelige roman ook een terugblik op zijn timide jongensjaren. "Ik denk dat ik moet wenen”, zo zei de romanschrijver toen hij per taxi aan restaurant Drouant arriveerde. “Het is een grote eer om op dezelfde erelijst te prijken als Louis-Ferdinand Céline en Georges Perec.” Nog voor verschijning stond Un roman français in de vuurlinie. Onder druk van uitgever Grasset moest Beigbeder een ellenlange scheldtirade tegen de Parijse procureur Jean-Claude Marin schrappen, helaas nadat de eerste oplage van het boek al gedrukt was. (DL)

Labels: ,

0 Comments:

Een reactie plaatsen

Links to this post:

Een link maken

<< Home