woensdag 28 januari 2009

Tommy Wieringa mengt zich in Dichter des Vaderlands-polemiek

Vanavond wordt in een rechtstreekse NPS-tv-uitzending bekendgemaakt wie zich mag kronen tot Nederlandse Dichter des Vaderlands: Tsead Bruinja, Erik Menkveld, Hagar Peeters, Ramsey Nasr of Joke van Leeuwen. De laatste weken kreeg de campagne een grimmiger aspect (zie onze eerdere berichten). Gisteren mengde nu ook de Nederlandse auteur Tommy Wieringa zich met een column in de Nederlandse gratis krant De Pers in de hoogoplopende debatten over kandidaat-DdV Tsead Bruinja, die hij - na Ramsey Nasr - op zijn beurt van opportunisme verdenkt. Wieringa schrijft dat Bruinja zich al op jonge leeftijd profileerde als een haantje-de-voorstedichter. "Er was geen literaire stichting of hij zat in het bestuur, er werd geen prijs uitgereikt of hij had zitting in de jury. Overal in beeld dat hoofd met oren. Hij werd de wethouder Hekking van de literatuur, zelfpromotie was geen middel maar een doel." En Wieringa vervolgt: "Ik heb wel eens gezegd dat de elleboog het beste schrijfgereedschap is – een grapje, maar Tsead Bruinja verstaat zoiets als bloedige ernst. Hij moet er intussen eelt op hebben. Tsead Bruinja is Circus Elleboog in zijn eentje. [..] Toen hij opdook in het lijstje genomineerden voor het vacante ambt van Dichter des Vaderlands, wist ik dat zijn finest hour aangebroken was. De verkiezingen voor die functie brengen gewoonlijk niet de beste dichter te voorschijn, maar de grootste bek. Het heeft mij niet verbaasd dat Tsead Bruinja vaak werd genoemd als voornaamste kanshebber. " Wieringa repliceert ook op de uitspraak van Bruinja in NRC (in repliek op Nasr) dat "de poëzie van het volk [is]": "De dichter die Dichter des Vaderlands wil worden, moet bereid zijn door de knieën te gaan". Wieringa schrijft: "Voor Bruinja is dit geen verkiezing voor het Dichterschap des Vaderlands, maar een wedstrijd wie het diepste door de knieën kan. Hij wint. Daar, in de diepte, op het niveau van zijn zweetvoeten, brengt hij het volk zijn stakkerige verzen. Tweetalig, want Tsead is Fries. Op verzoek is Tsead ook Zeeuw, Fransman of Maltezer. De zuivere opportunist is van alle volken."
In NRC-Handelsblad reageerde afscheidnemend Dichter des Vaderlands Driek van Wissen (afbeelding) dan weer op Ilja Leonard Pfeijffer, die vrijdag jongstleden een licht polemische geschiedenis van het Dichter des Vaderlandschap schreef. Van Wissen geeft Pfeijffer weliswaar gelijk dat "de nieuwe procedure willekeurig en ondoorzichtig is. Vooral het feit dat de commissie zonder enige motivatie vijf kandidaten heeft laten afvallen, is ergerlijk en verbazingwekkend", maar repliceert vooral op het feit dat Pfeijffer zegt dat Van Wissen in 2005 - toen hij verkozen werd - "een nog totaal onbekende gelegenheidsdichter was": "In werkelijkheid had ik toen al een twintigtal publicaties op mijn naam staan bij gerenommeerde uitgeverijen en met bovengemiddelde verkoopcijfers. Dat Komrij zich vervolgens bij mijn verkiezing demonstratief heeft afgezonderd „omdat het Dichterschap des Vaderlands verkwanseld was” is niet alleen mij ontgaan, maar volgens mij iedereen, zodat de demonstratie, als er al sprake van was, sowieso niet gewerkt heeft. Verder heb ik volgens opdracht keurig op z’n minst vier gedichten per jaar in de NRC gepubliceerd." De tekening bij zijn artikel in nrc.next schoot Van Wissen vervolgens wéér in het verkeerde keelgat, zie hier. Ook de Volkskrant besteedt vandaag aandacht aan de Dichter des Vaderlandsverkiezing en heeft een interview met De Contrabasdirigent Chrétien Breukers, die alle heisa vindt meevallen: "De sfeer was zeker niet negatief. Nergens werd kwaad met kwaad vergolden, en een poederbrief werd ook niet verstuurd. Een beetje wrijving zorgt voor warmte. Dat kan de poëzie wel gebruiken." (DL - schilderij Van Wissen: Annemarie Busschers)

Labels: , ,

0 Comments:

Een reactie plaatsen

Links to this post:

Een link maken

<< Home