donderdag 10 april 2008

De boekenrepubliek van Pierre Assouline, binnenkort writer-in-residence in Amsterdam

Een van de ferventste en toonaangevendste literaire bloggers van West-Europa is ongetwijfeld de Franse biograaf, romancier en essayist Pierre Assouline (°1953). Met zijn République des Livres, die hij bijna dagelijks bijhoudt voor de Franse krant Le Monde, is hij de seismograaf van wat er leeft in de Franse en internationale literatuur en legt hij ook een bijzondere belangstelling aan de dag voor literair-historische kwesties. Assouline heeft intussen een indrukwekkend schrijverspalmares. De in Casablanca geboren schrijver-journalist vergastte ons onder meer op autoritaire biografieën van Gaston Gallimard en van Georges Simenon. In zijn romans, zoals het onlangs in het Nederlands bij De Geus verschenen Hotel Lutetia, mag hij graag de (oorlogs)geschiedenis voor zijn kar spannen. De recente fijnzinnige essaybundel Rosebud. Eclats de biographies gaat onder meer over Paul Celan, Rudyard Kipling, Pierre Bonnard en Henri Cartier-Bresson. Op zijn blog koppelt hij diezelfde bedachtzaamheid aan een scherpe kennis en formuleert hij elegant, zelfs een beetje tongue-in-cheek. Maar Assouline is vaak ook niet te beroerd om de knuppel in het hoenderhok te gooien. Weinig onderwerpen zijn hem te licht of te zwaar en ze bestrijken alle aspecten van het literaire leven, met een opmerkelijk attent oog voor de buitenlandse literatuur: dat kan gaan van de dood van nouveau romancoryfee Alain Robbe-Grillet tot de verschijning in het Duits van Les bienveillantes van Jonathan Littell. En zelfs het overlijden van Hugo Claus ontging hem niet. Assouline is ook erg gevlast op politiek-historische thema's, zoals bijvoorbeeld blijkt uit deze post over de Duitse Olympische Winterspelen van 1936 of over een vreemd staartje aan de affaire-Dreyfus. Regelmatig neemt hij strips onder de loep (zie bijvoorbeeld hier of daar), niet verwonderlijk voor de man die eveneens een biografie van Hergé schreef. Natuurlijk keert hij ook regelmatig terug naar zijn oude liefde: Georges Simenon. Zijn stukken kunnen telkens rekenen op een stortvloed aan reacties, soms tot 200 à 300 per blogbericht. Sinds Assouline vier jaar geleden met La République des Livres startte, verschenen er 125.000 commentaren.
Het Nederlands Fonds voor de Letteren maakte overigens zojuist bekend dat Assouline vanaf 23 april als writer-in-residence in Amsterdam zal verblijven. Zijn komst valt samen met de opening van Amsterdam Wereldboekenstad. Hij neemt op 25 april deel aan het festival Het Vrije Woord in de Openbare Bibliotheek te Amsterdam. Assouline werkt intussen aan zijn boek Le blog ou la vie (te verschijnen bij éditions des Arènes), waarvoor hij geen selectie zal maken van zijn stukken, zo meldt Le Nouvel Observateur, maar wél de beste commentaren bij zijn posts van het digitale zwarte gat zal redden. Assouline blijft in Amsterdam tot 20 mei. Meer gegevens hierover zijn ook beschikbaar bij themasite Writer in residence. In de comments bieden we als extra onze recensie van Hotel Lutetia.

Labels: , ,

1 Comments:

Blogger De papieren man said...

Hotelgeheimen

door Dirk Leyman (De Morgen, 20 juni 2007)


Pierre Assouline, Hotel Lutetia
Oorspronkelijke titel: Hotel Lutetia
Vertaald door Jan Versteeg
De Geus, Breda, 415 p., 22,90 euro.

Als biograaf con brio van Gaston Gallimard, Georges Simenon en Hergé heeft Pierre Assouline (°1953) getoond hoe zorgvuldig en adequaat hij met historisch bronnenmateriaal weet om te springen. Daarmee onderscheidt hij zich van nogal wat Franse biografen, die een broertje dood lijken te hebben aan grondig archiefonderzoek en liever - weliswaar met veel erudiete zwier - aan het romantiseren slaan.

Toch voelt Le Monde-chroniqueur Assouline zich zelf ook nu en dan beknot door het biografische keurslijf. Dan kiest hij voor de lossere romanvorm om zijn geschiedenissen in onder te brengen. Aan het zopas vertaalde Hotel Lutetia heeft hij - uiteraard met tussenpozen - 33 jaar gelaboreerd. Het boek vertelt de turbulente geschiedenis van het art-decohotel Lutetia aan de Parijse boulevard Raspail, vanuit het perspectief van de wat contourloze privédetective Edouard Kiefer. Hotel Lutetia was tijdens de periode 1936-1946 een van die plekken waar de wereldgeschiedenis stevige voetafdrukken achterliet. Kort voor de Tweede Wereldoorlog vormde "de op een boulevard gestrande stoomboot" de geliefkoosde pleisterplaats van bourgeoisiedames, Duitse emigrés en schrijvers als Gide, Beckett, Roger Martin du Gard, Saint-Exupéry en Joyce. Maar ook generaal de Gaulle mocht er graag zijn tenten opslaan. In het eerste deel neemt Assouline ruim de tijd voor deze roemrijke portrettengalerij, meticuleus én met flegmatische accenten. In de aanloop naar 1940 roffelt de Duitse oorlogstrom steeds luider en wordt het hotel getroffen door wat hoofdfiguur Kiefer een "collaps" noemt. Wanneer de Duitsers Parijs bezetten, wordt het pand op stel en sprong ingepalmd en omgebouwd tot het zenuwcentrum van de Abwehr, de Duitse inlichtingendienst die vandaaruit haar contraspionagenetwerk bestiert. Kiefer bewandelt het dunne koord tussen collaboratie en mild verzet. Na de oorlogsjaren krijgt het boek zijn climax in het slothoofdstuk, wanneer het hotel fungeert als opvangoord voor wie uit de concentratiekampen is teruggekeerd. Kiefer is lichtjes van de kaart door de onthutsende getuigenissen en gaat steeds meer twijfelen aan zijn eigen niet geheel onkreukbare rol.

Assouline dwingt met dit bijzonder goed gedocumenteerde boek opnieuw bewondering af, al kun je je afvragen of hij zijn tableau wel van een romanrandje had moeten voorzien. Als hoofdpersonage blijft Kiefer immers te zeer een matte, weliswaar ongrijpbare verschijning, die de roman onvoldoende draagt.

donderdag, april 10, 2008 1:24:00 a.m.  

Een reactie plaatsen

Links to this post:

Een link maken

<< Home