zaterdag 22 maart 2008

Schrijfster Dirkje Kuik op 78-jarige leeftijd overleden

De Nederlandse schrijfster en beeldend kunstenares Dirkje Kuik is dinsdag jl. op 78-jarige leeftijd overleden. Ze werd vrijdag in intieme kring begraven in haar geboorteplaats Utrecht, waar het nieuws door de Stichting Literaire Activiteiten Utrecht (SLAU) is bekendgemaakt. In april zal van haar nieuw werk bij De Arbeiderspers verschijnen: Munchen '38, waarin ze "op volstrekt authentieke wijze de staatkundige politieke neergang van een verzameling Europese staten eind negentiende, eerste helft twintigste eeuw" onderzoekt.
Kuik debuteerde als schrijver in 1964 met poëzie in Hollands Maandblad, omdat hij/zij na een hardnekkige oogontsteking vreesde niet meer te kunnen tekenen en schilderen. Haar/zijn eerste dichtbundel 45 Gedichten verscheen pas vier jaar later, samen met Utrechtse kronieken. In 1963 had hij/zij al het grafisch gezelschap De Luis opgericht, met de kunstenaars Moesman en Maarseveen en waartoe later ook de dichter Jan Emmens, tekenaar Peter Vos en schrijver-schilder Alain Teister behoorden.
In 1979 onderging William Diederich Kuik een geslachtelijke operatie, om "de anatomische verschijningsvorm in overeenstemming te brengen met de geslachtelijke grondtoon". Ze noemde zichzelf ook een "genderdiasporapatiënt." Vanaf dat moment ging zij door het leven als Dirkje Kuik.
Tot haar lange lijst publicaties behoren onder meer O jongensjongens wat een gepiep (1972), de picareske roman De held van het potspel (1974), De twee snoeken (1981), De nachtcactus bloeit (1982), de essaybundel Huishoudboekje met rozijnen (1984), Het kindercircus (1985), de hardboiled misdaad- en spionageroman De N.V. Dopiflex (1991 - genomineerd voor de Gouden Strop), Piranesi en zijn dochter, (1994), Broholm (1998) en De patriot (2003). Kuiks fantasierijke oeuvre onderscheidde zich door een steevast ironische toon. Ze was ook tuk op 19de eeuwse humor. Voor haar roman Broholm ontving ze de Multatuliprijs.
Haar illustraties van onder meer haar eigen boeken kenmerken zich, aldus Oosthoeks Lexicon Nederlandse en Vlaamse literatuur, door "een vluchtige, hoekige lijnvoering, soms met een vlekkige inkleuring, met een sterke contrastwerking in licht-donker." Ze maakte ook tekeningen voor Pinokkio en Baron van Münchhausenedities. Ondanks gezondheidsproblemen bleef Kuik tot het laatst aan de slag: "Als je eenmaal in je kist ligt, zit het deksel potdicht.'' Zie de berichtgeving bij Trouw en NRC-Handelsblad. Lees ook dit essay van Geert van Istendael over Kuik op de DBNL, afkomstig uit Ons Erfdeel (1997), waarin hij haar stijl typeert: "Bedachtzaam, degelijk, ik zou zeggen ambachtelijk degelijk zoals een zorgvuldig afgedrukte ets, maar net zo goed speels, flitsend, dat zijn de passende woorden. Hoogst ongewoon is die stijl in onze letteren. Niet alleen geeft ze je poëzie en proza door elkaar heen, dat proza vermengt kroniek, reisverhaal, reportage, speurdersverhaal, griezelverhaal, keukenrecept, sprookje en kribbig gemompel over hedendaagse dwaasheid." [foto auteur en litho Pop (1980): http://www.dirkjekuik.com/]

Labels: , ,

0 Comments:

Een reactie plaatsen

Links to this post:

Een link maken

<< Home