donderdag 27 maart 2008

Shortlist Libris Literatuurprijs zorgt voor stennis

De nominatie van Verder, het getekende boek van Marc Legendre op de shortlist van de Libris Literatuurprijs (zie dit eerder bericht) blijft verdeelde reacties ontlokken. In een artikel in De Morgen van vandaag, ‘Plaatjes met tekst of grote literatuur?’, ontkent Libris-jurylid Marc Reynebeau niet dat de nominatie van Verder een soort statement is: “Al is statement misschien te sterk uitgedrukt. Ik zou eerder zeggen dat deze nominatie ook een educatieve functie heeft. We hebben er, ook in onze longlist, op willen wijzen dat literatuur veel ruimer is dan de mainstream. Buiten die mainstream, die uiteindelijk maar een fractie van de Nederlandstalige literatuur uitmaakt, is er nog bijzonder veel moois te ontdekken.” Bovendien, aldus nog Reynebeau, “stonden in de eerste dichtbundel van Claus ook al prentjes”. Legendre zelf liet het, geïnterviewd in De Standaard, niet aan zijn hart komen. “Of ik thuishoor tussen auteurs als Jeroen Brouwers, kan ik niet zeggen. Maar het is wel prettig nieuws.” In het artikel wordt ook vastgesteld dat de verkoop van Verder niet meteen aantrekt, want dat het boek in Vlaanderen "schier onvindbaar" is. Zaakvoerder Erik Deneyer van de bekende Brusselse stripwinkel Het B-Gevaar wil het boek zelfs niet in zijn zaak: "Ik wil alleen goede strips verkopen. [..] Ik verkoop mijn klanten liever graphic novels die wel de moeite waard zijn." (zie hier zijn korte bespreking). Toon Horsten, hoofdredacteur van Stripgids, vindt dan weer dat de nominatie van Legendre "getuigt van een open geest."
In het licht van deze discussie is de hilarisch-diagnostische gotspe van Max Pam over de longlist, Jury Libris niet goed snik, nog eens de moeite van de omweg waard. Ook op Recensieweb wordt doorgeboomd over de balsturige jurykeuze. Annette Portegies, uitgever van Querido, kon in Boekblad nog lachen met een andere vreemde verzuchting in het juryrapport: “Warempel, het staat er écht: 'Dat voor een fictietitel op dit moment een omvang van 260 bladzijden wel het minste lijkt te zijn, desnoods door het corps te vergroten, valt zoals bekend de auteur niet als enige aan te rekenen.' Van mijn stoel gevallen van het lachen. Want wat beweert de jury van de Libris Literatuur Prijs hier? Dat schrijvers door hun uitgevers een minimum aantal lettertekens krijgen opgelegd? Dat die uitgevers zich moeten schamen als ze boeken van meer dan 260 bladzijden publiceren? Dat dikke romans slechter zijn dan dunne? Dat de kwaliteit van een literaire tekst zich omgekeerd evenredig verhoudt tot het lettercorps waarin die tekst gezet wordt? Het wachten is op een jury die nóg grappiger wil zijn dan deze, en die de uitgevers kapittelt over de grootte van hun rugwit of de kleur van hun kapitaalbandjes. Moge het dikste, eh, béste boek de Libris Literatuur Prijs winnen.” (HC - Foto Legendre en Jeroen Brouwers op de Antwerpse Boekenbeurs)

Labels: ,

0 Comments:

Een reactie plaatsen

Links to this post:

Een link maken

<< Home